Marx en de bonen van Floor

Marx (1818-1883) was net als Adam Smith vóór hem (zie vorige blog) gefascineerd door de dynamiek van het kapitalisme. Door de slechte prestaties van de lokale wijngaarden leefde hij, net als wij momenteel, in een periode van economische terugval.

Als hoofdredacteur van de Rheinische Zeitung (1842-43) publiceerde hij onder andere over over de armoede van de wijnboeren in de Moezelstreek. Ook schreef hij daar zijn eerste analyse over het optreden van de staat vóór het belang van private eigaren en tegen het belang van de armen. Friedrich Engels wakkerde vervolgens zijn belangstelling voor de klassieke politieke economie aan en tijdens een aanstelling in Parijs werd Marx bekeerd tot het communisme. Na wat omzwervingen verschijnt in 1848 het communistisch manifest onder de bekende en beruchte titel: Proletariërs aller landen, verenigt U!

Later verhuist hij naar Londen. Hij wijdt daar een groot deel van zijn tijd – in armoede – in de bibliotheek aan economische studies en in 1867 verschijnt het eerste deel van “Das Kapital”. In “Das Kapital” beschrijft hij een economisch model waarin de wetmatige uitbuiting naar voren komt binnen het kapitalisme door het kapitaal.

Alhoewel de uitbuiting momenteel andere vormen aanneemt dan in de tijd van Marx is het opmerkelijk dat volgens een documentaire van 3Doc van 31 januari 2013 op dit moment 13% van de beroepsbevolking een burn-out heeft. Eén miljoen mensen slikt anti-depressiva. De executive coach die in dit programma aan het woord is heeft de verklaring en daarmee ook de oplossing. Volgens hem is de oorzaak van het probleem dat we werk beschouwen als een relatie, met een wederkerig karakter. Daarom zijn we zo trouw en werken we zo hard, maar als de wederkerigheid er niet blijkt te zijn dan volgt teleurstelling en misschien wel een burn-out. Volgens hem moeten we werk zien als een transactie; dat zou je in staat stellen om beter je grenzen aan te geven.

Het is niet onlogisch dat de coach grijpt naar deze defensieve overlevingsstrategie, want het totale systeem veranderen, dat lijkt een onmogelijke opgave. Toch ligt hier de kern van een mogelijke oplossing want het hoge percentage burn-out gevallen is geen optelsom meer van schrijnende individuele gevallen. Het is eerder een symptoom van een systeem dat niet meer werkt. En zoals burn-out lijders in therapie gaan, of naar een coach of in retraite zo is het tijd voor de samenleving als geheel om op de sofa te gaan liggen om te onderzoeken waar de oorzaken liggen van ons hyperventilerende systeem en dit bij de wortels aan te pakken. De politiek komt niet ver. Die is te druk met het in orde maken van het huishoudboekje, en wringt zich in bochten om per onderwerp meerderheden te verkijgen in de Eerste of Tweede Kamer. Visie ontbreekt of is grotendeels ingegeven door oude paradigma’s. Het is dus aan de individuen en de samenleving om na te denken over alternatieven en deze in werkbare vormen te gieten.

Naast het fenomeen van uitbuiting stelde Marx ook dat het kapitalisme zou leiden tot vervreemding; de arbeider zou losgekoppeld worden van zijn product en de klant waardoor vervreemding en eenzaamheid zou optreden. In dezelfde documentaire van 3Doc roept één van de geïnterviewden die een burn-out heeft gehad:

” TOO MUCH”

“niet meer weten wie je bent, waar je bent en wat je aan het doen bent.” 

“Ik was mezelf kwijt” 

“Alles wat mij mij maakte was weg” 

Een betere illustratie van vervreemding kun je niet vinden. Ook in de uitzending ‘Gaten in de markt’ van het programma Tegenlicht van 28/01/2013 wordt een indrukwekkend overzicht gegeven van vervreemding binnen ons huidige systeem. In plaats van dat we onze mede-burgers vertrouwen hebben we relaties met merken. We leven in een contractwereld waarin alles zwart op wit moet en alles gemeten en ge-evalueerd. 30% van onze tijd gaat zitten in meten en evalueren ten koste van het werk wat daadwerkelijk waarde toevoegt aan onze maatschappij. Diegenen die niet mee kunnen draaien in dit systeem vallen erbuiten.

Gaten in de markt laat een dame zien; een Russische dame die al jarenlang een uitkering heeft en depressief is. Sinds zij meedoet aan het initiatief Thuisafgehaald.nl (een gemeenschap waarbij mensen voor elkaar koken) is haar dosis anti-depressiva zwaar verminderd. Want ze voelt zich verbonden met haar product en ze heeft een persoonlijke relatie met haar klanten. En zij is niet de enige. De burger zoekt weer sociale cohesie en participatie. We willen weer relaties.

Het nieuwe communisme?

Marx gaf aan dat het kapitalisme een noodzakelijke tussenfase was voordat het communisme zou intreden. Rusland werd overigens nadrukkelijk door hem van de kapitalistische fase ontslagen.

Is dan nu de tijd aangebroken voor het communisme in de westerse wereld? Je zou het denken en misschien ook wel hopen, maar het communisme heeft ondanks alle goede bedoelingen ook haar valkuilen is gebleken. Zoals het kapitalisme volgens Marx een aantal wetmatigheden bevat omtrent groei en uitbuiting, zo leidt het communisme volgens mij ook tot een aantal mens-onwaardige aspecten. Het communisme neigt naar controle en een opgelegde gemeenschapszin waarbij individuele initiatieven worden onderdrukt en waarbij dissidenten soms een verschikkelijk lot staat te wachten. Een wetmatigheid? Misschien niet, maar het komt wel vaak voor.

Toch zijn er alternatieven denkbaar waarbij juist relaties weer een belangrijke rol spelen, waarin de burger een relatie heeft met het product dat ze maakt en met de klanten die het kopen, en een relatie met de natuurlijke en sociale omgeving om hem/haar heen.

Alternatieven

Er zijn meerdere alternatieven die de laatste tijd in het nieuws zijn; het sociaal kapitalisme, het natuurlijk kapitalisme, het morele kapitalisme, de circulaire economy, het bruto nationaal geluk, the blue economy en society 3.0. Zelfs Unilever roept haar medewerkers op tot het herdefiniëren van het kapitalisme. Herman Daly (1938- ), een belangrijk milieu-econoom, bepleit de steady-state economie. Mede ingegeven door de milieu-problematiek wordt in de steady-state economie het concept van eindeloze winst maken als ultieme doelstelling verlaten. Dat houdt niet in dat er geen sprake meer is van groei, maar dat het groeibegrip anders wordt ingevuld:

“The stationary state would make fewer demands on our environmental resources, but much greater demands on our moral resources” (Daly H.E., 1971). “Een bewustzijnsverbreding naar waarden als sociale rechtvaardigheid, duurzaamheid, eenvoud, bescheidenheid, geweldloosheid, tevredenheid, gemeenschapszin staan daarin centraal.”

Alternatieve ideeën zijn altijd leuk om te verzinnen, maar pas in het echte leven zie je hoe ze vormkrijgen. De Hof van Twello zet alternatieve economische ideeën om in dagelijkse praktijk. In het nog te verschijnen boek “Gras! Nieuwe economie in nieuwe meentes. Het voorbeeld van Hof van Twello.” van Gert Jan Jansen (de oprichter van de Hof van Twello) geeft hij zijn definitie van de Nieuwe Economie:

“Ze is kleinschalig, naar de menselijke maat vormgegeven, lokaal en coöperatief  en waar mogelijk gemeenschappelijk en onder gedeelde verantwoordelijkheid gebracht. Wederkerigheid speelt een belangrijke rol: je krijgt wat maar je moet er wel wat voor doen. Dat zijn de belangrijkste kenmerken van de Nieuwe Economie.”

Deze Nieuwe Economie neemt bij de Hof van Twello de vorm aan van de Nieuwe Meente.  Meentes bestaan al sinds de oudheid, waarbij grond, natuur en alles wat er op het land staat in gemeenschappelijk bezit is in ruil voor wederdiensten zoals het onderhouden van wegen etc. Dit oude concept heeft Gert Jan uitgewerkt tot verschillende Nieuwe Meentes op zijn bedrijf. Een belangrijke meente bij de Hof van Twello is de moestuinmeente: deelnemers kunnen gratis grond gebruiken, zoveel ze willen. Ze krijgen bovendien gratis compost en gratis organische mest. In ruil moeten ze de helft van de grond betelen met gewassen bestemd voor de winkel van Hof van Twello. Van de opbrengst hiervan krijgen zij weer de helft.

Noor Dewever is sinds een jaar deelnemer aan de Meente. Als stadsbewoner zonder tuin zocht zij een plekje om meer buiten te kunnen zijn. De Meente leek haar, onder andere, door de collectieve insteek, een mooi initiatief om lid van te worden. Haar ervaringen zijn postief. De gemeenschappelijke insteek werkt enthousiasmerend; niet alleen voor haarzelf en haar gezin maar ook voor vrienden die ze regelmatig meeneemt. Het concept creëert een gemeenschappelijke betrokkenheid en het terrein wordt, zonder dat ze eigenaar is, toch een beetje eigen. Ze wordt er blij van. Het is een uitdaging de eigen groenten zo mooi mogelijk op te kweken. Als het lukt verschijnen ze op Facebook.

Zelf ben ik ook deelnemer aan de moestuinmeente. En zo komt het, dat mede namens Marx, er elk jaar weer verse producten van mij in de winkel liggen. Zonder pesticiden en kunstmest, maar met een hoop liefde geteeld. En…..met een bordje erbij met mijn naam erop.

 

 

 

Literatuur:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Karl_Marx
Van “growthmania” naar “steady state”: analyse van een paradigmawissel in het economisch denken. Kjell Bleys. http://www.ethesis.net/growthmania/growthmania.htm
3Doc: 31 januari 2013. http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1317165
‘Gaten in de markt’: Tegenlicht van 28/01/2013. http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1322180
http://www.sustainablebrands.com/press/unilever-ceo-challenges-youth-leaders-remake-capitalism?
Van “growthmania” naar “steady state”: analyse van een paradigmawissel in het economisch denken. Kjell Bleys. http://www.ethesis.net/growthmania/growthmania.htm
Gras! Nieuwe economie in nieuwe meentes. Het voorbeeld van Hof van Twello. GJ Jansen, 2013.

 

 

 

 

 

 

 

Add a Facebook Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

This entry was posted in Blog. Bookmark the permalink.